Vistrap Portimokoski opent 970 km rivier

De koning van Zweden opende op 27.8.2026 de vistrap van Portimokoski. Vis bereikt de rivier voor het eerst in honderd jaar. Wat dit betekent voor vissers.

Op de middag van donderdag 27 augustus 2026 kiepte de koning van Zweden op de oever van de

Tengeliönjoki bij Ylitornio de eerste forellen uit een zak in water waar in ongeveer honderd

jaar geen enkele vis uit zee was gekomen. Carl XVI Gustaf, de Finse minister van Land- en

Bosbouw Sari Essayah en de minister van Klimaat en Milieu Sari Multala wijdden de vistrap van

Portimokoski in: de tweede van twee omleidingen om de dammen van een waterkrachtcentrale

heen, en het stuk dat een grote zijrivier van de Tornionjoki, en het merengebied erachter,

Het getal dat het ELY-centrum Lapland eraan hangt, is 970 kilometer rivier- en merensysteem

dat opengaat voor trekvis, in de officiële formulering ‘bijna duizend kilometer’. Voor een

grensrivier waarvan de hoofdstroom al zonder dam van de fjällen naar de zee loopt, is dat de

grootste afzonderlijke verandering in decennia. Hieronder staat wat er gebouwd is, wat de

camera’s die eerste zomer werkelijk registreerden, en wat het betekent als u vist, of dat

Wat er openging: twee vistrappen om de waterkrachtcentrale van

Portimokoski in de Tengeliönjoki bij Ylitornio, in Fins Lapland. De onderste, een

natuurlijke omloopgeul bij Haapakoski (ongeveer 85 m lang, 4 m stijging), was in december

2024 klaar. De bovenste bij Portimokoski (ongeveer 175 m, 5,5 m stijging) werd op 31

oktober 2025 voltooid en op 27 augustus 2026 ingewijd.

Gesloten sinds: de jaren twintig, toen de eerste centrale bij Haapakoski

verrees. De huidige centrale van Portimokoski dateert uit 1987 (10,5 MW, 16,5 m verval).

Kosten en financiering: ongeveer twee miljoen euro, betaald uit het

EU-programma TRIWA LIFE en het Finse nationale NOUSU-programma voor trekvis.

Eerste zomer op camera: ruim 3.000 vissen die tussen

juni en augustus 2026 passeerden, vooral blankvoorn, serpeling, winde en brasem, plus

snoek en baars. Nog geen zalm, forel of houting.

Op de openingsdag uitgezet: 2.820 tweezomerige jonge zalmen van de

Tornionjoki-stam en 20 volwassen zeeforellen, geschonken door een plaatselijke

Waarom een zijrivier bij Ylitornio ertoe doet

De Tornionjoki, in het Nederlands de Torne, vormt samen met de bovenstroomse Muonionjoki de

grens tussen Finland en Zweden, en is een van de zeer weinige grote rivieren in Europa zonder

dam in de hoofdgeul. De wilde zalm wordt er elke zomer met sonar geteld bij Kattilakoski. In

2026 stond de teller op 3 juli op 36.829, tegen 11.000 tot 18.000 op hetzelfde moment in elk

van de drie voorgaande jaren, een herstel dat het Fins Instituut voor Natuurlijke Hulpbronnen

(Luke) toeschrijft aan grote aantallen zalmen die twee winters op zee doorbrachten, vissen

Het addertje zat altijd in de zijrivieren. De Tengeliönjoki stroomt uit het Miekojärvi, het

meer waar u officieel over de poolcirkel kunt stappen, en bereikt de Tornionjoki onder

Aavasaksa. Volgens Pohjolan Voima, waarvan een dochteronderneming mede-eigenaar van de

centrale was, waren de dammen in de Tengeliönjoki het enige noemenswaardige

vismigratieknelpunt in het hele stroomgebied van de Tornionjoki. Daarachter ligt een

merengebied: Portimojärvi, Miekojärvi, Vietonen, Raanujärvi en de stromen ertussen. Zeeforel

en houting trokken daar vroeger naartoe, en volgens het ELY-centrum ook zalm, tot de eerste

centrale bij Haapakoski de route in de jaren twintig afsneed.